Als er één project is voor dit blog dat ik graag een keer wil afronden, dan is dat mijn reeks over de stukken van Shakespeare. Maar ik realiseer me ook, dat ik er misschien wat sneller doorheen moet. Ik heb me recentelijk vooral met de komedies beziggehouden. De laatst besproken komedie was As you like it; Shakespeare’s allerlaatste, Twelfth night (daarna heeft hij het genre nooit meer beoefend), wil ik nu overslaan, omdat ik graag naar de grote tragedies (Hamlet t/m Anthony and Cleopatra) toe wil. Maar er is een overgangsfase tussen komedie en tragedie, die van de zogenaamde Problem Plays, zo genoemd omdat het formeel gezien misschien wel komedies zijn (ze lopen uiteindelijk goed af), maar in de afwikkeling van de thematiek toch dermate problematisch, dat het al te florissant zou zijn ze als komedie te categoriseren. Maar tragedies zijn het ook niet... (Dark comedy is een term die ook wel gebezigd wordt).
De stukken die tot die Problem Plays gerekend worden, zijn: Troilus and Cressida (dat zich afspeelt
tijdens de Trojaanse oorlog, een heel cynisch werk dat zeker niet tot mijn
favoriete Shakespearestukken hoort), All’s
well that ends well en Measure for
Measure.
Dat laatste is een geweldig stuk,
het is een persoonlijke favoriet van mij. Het is helemaal niet zo bekend en het
heeft zeker niet de diepte van Hamlet
of King Lear, of characters zo
complex en veelzijdig als Falstaff en Cleopatra. Maar het heeft een ambiguïteit
die moeilijk te duiden is en die mij eindeloos fascineert, dus ik wil er graag
aandacht aan besteden alvorens op de tragedies over te gaan.
Measure
for Measure
dateert waarschijnlijk van na Hamlet.
(Het laatste stuk, dat een lange ontstaansgechiedenis kent, werd waarschijnlijk
in zijn definitieve versie voltooid in 1601; Measure for Measure ontstond vermoedelijk in 1604). Ik wil de vijf
tragedies echter graag na elkaar behandelen en laat daarom de bepreking van Measure for Measure daaraan vooraf gaan.
Maar ook thematisch volgt dit stuk op de geschiedenis van de Prins van
Denemarken. Dat was een echte revenge
tragedy, een stuk over wraak. Wat echter een doodlopende weg is gebleken
(vrijwel letterlijk: aan het einde van de tragedie is bijna iedereen dood). Nu
gaat Shakespeare zich de vraag stellen: hoe kunnen ruzies beslecht en de vrede
gesticht worden zonder toevlucht te nemen tot wraak en (persoonlijk) geweld? En
het antwoord dat menselijke ervaring en wijsheid door de eeuwen heen heeft
gegeven is dan: door de Wet. Rechtvaardigheid in plaats van wraak.
“A government of laws and not of
men”, is de formulering die Harold Goddard in zijn hoofdstuk over Measure for Measure (in zijn bundel The Meaning of Shakespeare) gebruikt.
Maar dat is een wel heel hooggestemde illusie. Wetten gaan zo ver als de harten
en geesten van degenen die ze toepassen. Zo zijn de zegeningen van de wet te
danken aan de goedheid en de wijsheid der mensen (die gelukkig vaak aanwezig
is); echter de verschrikkingen en misvattingen van de wet (die ook in ruime
mate aanwezig zijn) aan de hebzucht en wreedheid van mensen.
“It is the law, not I, condemn your
brother”, luidt een uitspraak van degene in wiens handen de wetten van Wenen gekomen
zijn. En Shakespeare gebruikt een heel stuk om aan te tonen dat die wetten geen
onperoonlijke, neutrale entiteiten zijn en de magistraten slechts dienaren en
uitvoerders; maar dat die wetten wel degelijk instrumenten in handen van
kwaadwillligen kunnen zijn die ze gebruiken voor eigen gewin. (U ziet, niet
echt een komedie...)
De titel, Measure for Measure, is bijbels. In de Engelse vertaling van de
Bergrede: “With what measure ye mete, it shall be measured to you again.” Dit
is nauw verbonden met de uitspraak: “Judge not, that ye be not judged.”
Maar valt de geest die hieruit spreekt te verenigen met wetgeving in de
praktijk?
Het is één van de thema’s van het
stuk: de tegenstelling tussen rechtvaardigheid en genade. Daarvoor werd in het
Engeland van Elizabeth en James I een duidelijk onderscheid gemaakt tussen de
private en de publieke sfeer. Voor een privépersoon was ‘niet te oordelen’ een
bindend gebod; maar van regenten en magistraten in hun publieke functies,
plaatsbekleders van God op aarde (of in elk geval plaatsbekleders van de
plaatsbekleder, namelijk de koning), werd verwacht dat zij het goddelijke recht
te oordelen en véroordelen uit zouden oefenen. M.a.w.: een strikte toepassing
van de wetten.
En dat heeft er in Wenen lange tijd
aan ontbroken geleden: veertien jaar lang heeft de stad geleden onder (en
geprofiteerd van) zo’n slappe toepassing van de wetten dat babies inmiddels
begonnen zijn hun verzorgsters te slaan en een willekeurig bezoeker weliswaar
zou zien: “laws for all faults”, echter zelden toegepast, zo “that the strong
statutes stand like the forfeits [verbeurd verklaarde goederen] in a
barbershop, as much in mock as mark.”
De Hertog (Duke) die Wenen regeert,
ziet zichzelf niet als de persoon die, na jaren van slapte, nu ineens de duimschroeven
kan gaan aandraaien. Hij delegeert zijn macht aan een plaatsvervanger, die
‘mercy and mortality in Vienna’ van hem overgedragen krijgt. Het is een
twijfelachtige figuur, deze ‘old fantastical Duke of dark corners’, zoals de
figuur Lucio hem ergens noemt. (Zijn extreemste daad is wel het huwelijksvoorstel
in het laatste bedrijf aan Isabella, de heldin van het stuk, is zo buitensporig
dat je het met open mond aanhoort. Die hadden we niet aan zien komen!).
De Duke trekt zich dus terug, maar
keert ook weer, vermomd als monnik, om de resultaten van zijn tijdelijk
abdicatie te kunnen observeren. Zijn gevoel voor theater doet denken aan
Hamlet; net als de Prins van Denemarken organiseert de Duke a.h.w. een play
within the play. Zijn motivatie voor deze hele opzet lijkt dus niet zozeer
politiek of moreel te zijn: hij wil een een theaterspektakel; net als de Prins
is hij erop gebrand niets van de voorstelling te missen...
De erkende Shakespeare scholar G.
Wilson Knight beweert dat ‘like Prospero [de indrukwekkende figuur uit
Shakespeare’s laatste stuk the Tempest]
the Duke tends to assume proportions evidently divine’, maar dat lijkt me zeer
overdreven.
Er is overigens wel één punt in de tekst dat een dergelijke interpretatie (de
Duke staat voor God) lijkt te rechtvaardigen en dat is wanneer de
plaatsvervanger, Angelo, na zijn machtsmisbruik ontmaskerd wordt en de Duke
zijn vermomming heeft afgegooid:
“I should be guiltier than my guiltiness”, zegt hij dan, “when I perceive your
Grace, like power divine, hath looked
upon my passes.”
Deze Angelo heeft een reputatie van
deugdzaamheid en strengheid; hij is een ascetische heilige die, zo heet het, zijn
driften in de hand weet te houden: “... is precise; stands at a guard with
envy; scarce confesses that his blood flows, or that his appetite is more to
bread than stone...” Wat niet alleen op deugdzaamheid, maar ook op een zekere
innerlijke repressie lijkt te wijzen. Heel vermakelijk in die zin is de
karakteristiek die Lucio van Angelo geeft: “Some [report] that he was begot
between two stockfishes. But it is certain that when he makes water, his urine
is congealed ice...”
En de test die de Duke in gedachten
heeft, geldt niet alleen de bevolking van Wenen, het geldt ook zijn
plaatsvervanger: “... hence shall we see, if power change purpose, what our
seemers be!”
(Dit is op zijn minst merkwaardig, gezien het volledige vertrouwen dat hij in
Angelo heeft uitgesproken bij zijn benoeming. Hij is er klaarblijkelijk toch
niet zeker van dat het allemaal goed zal gaan).
Angelo zal de hem toevertrouwde
functie met verve vervullen: hij is absoluut niet van plan ‘to make a scarecrow
of the law’.
De hamer van de nieuwe regent komt als eerste neer op Claudio, die een meisje,
Juliet, heeft zwanger gemaakt waarmee hij verloofd was, maar nog niet getrouwd.
Er waren wederzijdse geloften, maar hun verbintenis ‘lacked the denunciation of
outward order’: alleen de formele bekrachtiging door de Wet en de sacramenten had
nog niet plaatsgevonden. Om hem te straffen haalt Angelo een oude, zelden
gebruikte wet van stal, waarmee hij formeel in zijn recht staat. Maar zijn
omgeving vindt de straf veel te streng: “He hath but as offended in a dream”,
zegt de vriendelijke Provost, de beambte die de taak krijgt Claudio te
arresteren.
In eerste instantie lijkt deze zijn
straf te accepteren.
“Why now, Claudio”, roept zijn vriend Lucio tegen hem als hij hem op straat, in
de boeien geslagen, tegenkomt, “whence comes this restraint?”
“From too much liberty, my Lucio... Our natures do pursue – like rats that
ravin down their proper bane – a thirsty evil, and when we drink we die.”
Een conditie van schadelijke overdaad, waar meer personages in dit stuk aan
blijken te lijden, zelfs de ogenschijnlijk zo deugdzame Angelo...
Claudio zendt Lucio naar Isabella,
zijn kuise en vrome zuster, ‘a votarist of Saint Clare’, die op het punt staat
in te treden in een nonnenklooster, om haar te vragen te gaan pleiten voor haar
broer bij Angelo.
“In her youth”, zegt Claudio over
haar, “there is a prone and speechless dialect, such as move man; beside, she
has prosperous art when she will play with reason and discourse, and well she
can persuade.”
... as move man... prosperous art... persuade...: je zou er ook in kunnen lezen
dat ze iets verleidelijks heeft, zoals later zal blijken wanneer ze Angelo
benadert.
In eerste instantie is het enige
dat Angelo te zeggen heeft op haar smeekbedes ‘he must die’. Sterker nog: hij
ziet de executie van Claudio als de eerste stap van een campagne die erop
gericht is alle zonden des vlezes met wortel en tak uit te roeien:
“Future evils are now to have no successive degrees.”
In haar betoog om Claudio (die ze
wel schuldig acht) gratie te geven komt Isabella met een paar pareltjes die
klassieke Shakespeare uitspraken zijn geworden. Bijvoorbeeld:
“It is excellent to have a giant’s strength, but it is tyrranous to use it like
a giant.”
Dit meisje, dat op het punt stond
zich in een klooster terug te trekken en er door Lucio bijgesleept werd om op
Angelo in te werken, en hier haar rug recht houdt tegenover de Eerste Bestuurder
van de Staat; het zorgt voor opwindend drama:
“Go to your bosom; knock there and ask your heart what it does know that’s like
my brother’s fault.”
Het mag niet baten. Het helpt zelfs
niet dat Isabella haar pleidooi voor genade en vergeving zelfs een religieuze
dimensie geeft in haar verwijzingen naar Christus:
“... all the souls that were forfeit once; and He that might the vantage best
have took found out the remedy [Christus die onze zondige zielen is komen
redden]. How would you be, if He, which is the top of judgement, should but
judge you as you are? O, think on that; and mercy then will breathe within your
lips, like man new made.”
Wat deze woorden nogal ironisch
maakt, als je bedenkt dat Angelo hier op het punt staat zijn deugdzaamheid te
verliezen (en dus geoordeeld dan wel vergeven zal worden). Plotseling wordt hij
zich bewust van zijn passie voor deze vrouw; juist haar kuisheid en vroomheid,
haar heiligheid, wellicht ook haar afstandelijke koelheid, vindt hij zo
opwindend: “never could the strumpet with all her double vigour, art and
nature, once stir my temper: but this virtuous maid subdues me quite.”
Even eerder in het stuk heeft hij
in feite al een oordeel over zichzelf uitgesproken, mocht er iets zoals dit
voorvallen. Zijn medewerker Escalus, een oude vertrouweling van de Duke, pleit
voor Claudio met het argument dat dit iedereen zou kunnen overkomen als de
omstandigheden er naar waren – zelfs Angelo.
“When I, that censure him [Claudio dus], do so offend”, luidt zijn antwoord,
“let mine own judgement pattern out my death... “
Dat moment lijkt nu dus gekomen.
“I will bethink me. Come again
tomorrow”, is nu zijn boodschap aan haar. Isabella denkt: om het vonnis te
heroverwegen. Maar hoe het werkelijk zit, blijkt al snel bij het volgende
bezoek. Hij doet haar een schaamteloos voorstel: om haar broer het leven te
redden, zal zij hem zijn lichaam moeten aanbieden.
“I have begun, and now I give my
sensual race the rein... Redeem thy brother by yielding up thy body to my will,
or else he must not only die the death, but thy unkindness shall his death draw
out to lingering sufferance”... Inderdaad, zoals Harold Bloom zegt: ‘Angelo is
bad news’.
Hoewel, het is zeker niet zijn
eerste opzet bij zijn aanstelling om een schurk en een tiran te zijn; het is
eerder zo dat hij zwicht onder de omstandigheden. Isabella geeft zelf achteraf
ook zoveel toe: “I partly think a true sincerity governed his deeds, till he
did look on me”.
En zo is het precies.
Je zou Angelo kunnen zien als
Shakespeares portret van hoe verleidelijk, zelfs bedwelmend macht kan zijn als
het, zoals in Angelo’s geval, welhaast ongelimiteerde mogelijkheden biedt. Wat
wel tegen hem pleit, is dat hij vrijwel meteen, bij de eerste verleiding die
zich aandient, in het ravijn stapt. Zwakte. Hij ziet dat zelf ook in als hij,
alleen en op zijn knieën, in een alleenspraak die sterk doet denken aan Hamlets
oom Claudius in een soortgelijke situatie (die heeft Hamlets vader vermoord om
op de troon te komen), terugkijkt op wat hij gedaan heeft:
“When I would pray and think, I think and pray to several subjects: Heaven hath
my empty words, whilst my invention, hearing not my tongue, anchors on Isabel.”
Wat voor waarde hebben gebeden van spijt, als je niets aan je gedrag verandert?
Hij heeft dan ook een grote hekel
aan zichzelf (helemaal zonder geweten is hij zeker niet, integendeel!):
“The tempter or the tempted, who sins the most? Not she; nor does she tempt...
Most dangerous is that temptation that does goad us on to sin in loving
virtue.”
Isabella’s enige antwoord kan een
compromisloze afwijzing zijn. Liever een marteldood sterven dan haar ziel zo te
laten bezoedelen en eeuwige schande oplopen:
“... were I under terms of death, the impression of keen whips I’d bear as
rubies, and strip myself to death, as to a bed that longing have been sick for
me, ere I’d yield my body up to shame.”
Verontwaardigd roept Isabella dat
ze zijn zonde aan de wereld zal verkondigen, maar ach, is Angelo’s antwoord:
het is haar woord tegen het zijne. Zijn smetteloze reputatie zal hem
beschermen. En Isabella gaat op weg naar Claudio om hem verslag te doen van het
mislukken van haar missie en hem voor te bereiden op zijn dood, die nu
onafwendbaar is geworden.
![]() |
| Isabella appealing to Angelo |


Geen opmerkingen:
Een reactie posten